Hoofdinhoud

Van elke vier mensen met een atypische vorm van parkinsonisme krijgt er één eerst de verkeerde diagnose. Dat komt omdat je aan de buitenkant het verschil met de ziekte van Parkinson moeilijk ziet. Samy Abo Seada, onderzoeker aan het Erasmus MC, zet nieuwe MRI-scans in om sneller de juiste diagnose te stellen.

‘Tijdens mijn studie elektrotechniek werd al snel duidelijk er voor verschillende ziekten nog veel te bereiken valt met beeldvormende technieken, zoals MRI. Daarom besloot ik de medische richting op te gaan’, vertelt Samy. ‘Na mijn promotie over nieuwe vormen van MRI heb ik een concreet, klinisch probleem gekozen: de diagnose bij parkinson.’

Vooral bij atypische vormen van parkinsonisme is de diagnose lastig te stellen. De symptomen lijkt namelijk erg op die van de ziekte van Parkinson. Maar in de hersenen verschillen de ziektes. Het is belangrijk om tijdig de juiste diagnose te hebben, zodat de behandeling en begeleiding daarop kan worden aangepast.

Samy Abo Seada ParkinsonNL
Samy Abo Seada, onderzoeker aan het Erasmus MC, zet nieuwe MRI-scans in om sneller de juiste diagnose te stellen.

Nieuwe MRI-technieken combineren

Nu wordt MRI in het ziekenhuis wel eens gebruikt om zeker te weten of iemand echt parkinson heeft, en niet een heel andere hersenziekte. Atypische vormen van parkinsonimse zijn op deze manier nog niet met zekerheid vast te stellen. Het onderzoek van Samy moet dat veranderen. Hij gaat kijken of hij vier nieuwe MRI-technieken kan combineren. De scans zouden dan precies kunnen laten zien of iemand de ziekte van Parkinson of atypisch parkinsonisme heeft. En ook om welke vorm van atypisch parkinsonisme het gaat, zoals Multipele systeem atrofie (MSA) of Progressieve supranucleaire verlamming (PSP).

‘Het begon met één nieuwe techniek, die de hoeveelheid ijzer in hersenweefsel meet. Dat is een maat voor hoe ver de ziekte gevorderd is. Ik ontdekte al snel dat dit niet voldoende is om ook MSA en PSP te onderscheiden van de ziekte van Parkinson. Dus ga ik nu drie technieken toevoegen die aanvullende informatie geven’, legt Samy uit. Hij noemt bijvoorbeeld een techniek die schade laat zien aan myeline, een vettige stof die helpt om snel signalen door te geven in de hersenen. Welk hersengebied de meeste schade heeft, verraadt welke vorm van atypisch parkinsonisme iemand heeft.

Pilotstudie

Samy stelde eerder met experimenten zonder patiënten vast dat de technieken werken. Nu is hij bezig met de volgende stap: een pilotstudie in het Erasmus MC. ‘We testen de methode bij 45 patiënten en 10 mensen van dezelfde leeftijd zonder parkinson. Die laatste groep is nodig ter vergelijking, dus als referentie.’

Na het pilotonderzoek van Samy is ook nog een groter onderzoek nodig. Daarna kunnen andere ziekenhuizen ook met de nieuwe methode gaan werken op de bestaande MRI-scanners. Hij verwacht de techniek straks eerst in een aantal grote ziekenhuizen (universitair medisch centra). Daar kunnen dan mensen terecht bij wie de arts een vermoeden heeft van atypisch parkinsonisme.

Onderzoek naar de hersenen is nodig om parkinson beter te begrijpen, sneller de diagnose te stellen en betere behandelingen te ontwikkelen. Help ook mee om onderzoek naar de hersenen mogelijk te maken.