Vakantie overleefd, nu de luchthavens nog 🐘

We hebben een geweldige vakantie in Namibië achter de rug. Drie weken lang zelf rondgereden, duizenden kilometers gemaakt, over asfalt en gravel, langs eindeloze landschappen en tussen heel veel wild. We hebben safari’s gemaakt, excursies gedaan, bijzondere mensen ontmoet en dingen gezien waarvan we vooraf alleen maar konden hopen dat we ze zouden meemaken.
Voor Peter betekende zo’n reis natuurlijk ook de nodige uitdagingen. Maar hij is ze aangegaan. Een flinke tas medicijnen ging mee en onderweg hielden we voortdurend rekening met de tijden waarop er weer iets geslikt moest worden. Alsof zijn gewone medicatieschema nog niet ingewikkeld genoeg is, kwam daar voor een deel van de reis ook nog een malariapil bij. Gelukkig zijn we inmiddels behoorlijk bedreven in de categorie: waar zijn de pillen, hoe laat is het en wat moet er nu weer in?
Maar wat was het geweldig. Echt een onvergetelijke vakantie. Zoveel gezien, zoveel beleefd en vooral ook gemerkt dat er ondanks Parkinson nog ontzettend veel mogelijk is. Natuurlijk kost het soms meer voorbereiding, moet je rekening houden met energie en medicatie en moet je af en toe iets aanpassen. Maar we hébben het wel gedaan.
En toen moesten we naar huis.
Of beter gezegd: toen moesten we eerst de luchthavens nog zien te overleven.
Want als er één plek is waar Parkinson en stress geen gelukkige combinatie vormen, dan is het wel een luchthaven. Op de heenweg hadden we een overstap in Frankfurt en op de terugweg wachtte Zürich ons nog. Iedere luchthaven betekent weer paspoorten tevoorschijn halen, handbagage organiseren, de juiste rij vinden, wachten, doorlopen, weer wachten en vooral op het juiste moment precies datgene doen wat iemand achter een balie of controleband van je verlangt.
En dan komt de veiligheidscontrole.
Alles uit de zakken. Riem af. Telefoon eruit. Horloge af. Handbagage op de band. Vloeistoffen goed? Niets vergeten? Doorlopen graag. Tempo!
Voor iemand zonder Parkinson is het al een gedoe. Maar zet daar iemand neer bij wie de handen juist door spanning nóg harder gaan trillen en je hebt ineens een heel ander verhaal.
Peter door het poortje.
Piep.
Terug.
Zakken controleren.
Nog een keer.
Piep.
Ik sta inmiddels aan de andere kant en kijk toe. Helpen kan ik op dat moment nauwelijks. Ik zie Peters handen steeds harder trillen terwijl hij opnieuw aan zijn broekzakken voelt. Waar zit het? Wat is hij vergeten?
Nog een keer door het poortje.
PIEP.
De dame van de beveiliging wordt er ondertussen niet gezelliger op.
“Hurry, hurry!”
Ja hoor, mevrouw. Dat helpt.
Want als er één methode is om iemand met Parkinson sneller en soepeler te laten bewegen, dan is het natuurlijk hem onder tijdsdruk zetten terwijl een rij wachtende reizigers meekijkt.
Peters handen trillen inmiddels om het leven. Hij voelt weer in zijn zakken, friemelt, zoekt en probeert in die diepe zakken van zijn outdoorbroek te komen. En dan komt uiteindelijk de boosdoener tevoorschijn.
Een blikken pillendoosje. Natuurlijk.
Het ding dat we tijdens de hele reis zorgvuldig bij ons hebben gehouden, zorgt er nu eigenhandig voor dat Peter voor de vierde keer door het poortje mag.
Deze keer blijft het stil. Hoera!
Maar tijd om daarvan te genieten is er niet, want ondertussen liggen onze spullen nog in bakken aan het einde van de controleband. Ook daar lijkt het motto: dóórlopen. Dus rap alles bij elkaar. Telefoons, tas, jas, riem, pillendoosje en alles waarvan je vijf minuten geleden nog zo zorgvuldig had bedacht in welke zak het moest.
Een stukje verderop zoeken we een rustig plekje. Ik help Peter zijn riem weer om te doen en we kijken elkaar aan.
“Pfff… wat een stress toch steeds.”
En dat is misschien wel het vreemde aan zo’n reis. Drie weken Namibië. Gravelwegen waarop je kilometerslang niemand tegenkomt. Wilde dieren. Safari’s. Hitte. Lange autoritten. Nieuwe slaapplekken. Een ingewikkeld medicatieschema. Allemaal dingen waarvan je vooraf zou kunnen denken: hoe gaat dat met Parkinson?
Dat ging.
Maar zet ons op een luchthaven met een plastic bak, een piepend poortje en iemand die “Hurry, hurry!” roept en we zijn gesloopt.
En het mooiste? We waren er nog niet. Nog twee luchthavens te gaan.
Oef.
Volgende keer boek ik geloof ik gewoon een safari door Schiphol. Dat klinkt een stuk ontspannender. 😄
2 reacties
Wanneer je bent ingelogd kun je alle reacties lezen en zelf reageren.
Bekijk 2 reactiesLog in of maak een account aan.