Onvrijwillige bewegingen bij de ziekte van Parkinson
Mensen met de ziekte van Parkinson die al een tijd medicijnen gebruiken kunnen last krijgen van onvrijwillige bewegingen. Andere namen voor deze onvrijwillige bewegingen zijn: dyskinesie of overbeweeglijkheid. Het zijn bewegingen die je automatisch maakt, zonder erover na te denken en zonder dat je het wil. Je kunt ze niet stoppen. Voorbeelden van onvrijwillige bewegingen zijn:
- Schokkerige bewegingen
- Draaiende bewegingen
- Kronkelende bewegingen.
Onvrijwillige bewegingen kunnen overal in het lichaam ontstaan. Zoals in je armen, benen, handen en gezicht.
Wat merk je van onvrijwillige bewegingen?
Soms merk je zelf niet dat je onvrijwillige bewegingen maakt. Maar iemand anders kan dit wel merken. Hoe erg de bewegingen zijn, verschilt per persoon. Zijn de bewegingen niet zo groot? Dan heb je er waarschijnlijk weinig last van. Maar als de onvrijwillige bewegingen wel groot zijn, is dat heel vervelend. Het kan het dagelijkse leven moeilijker maken. Bijvoorbeeld lopen, praten, eten of schrijven. Soms verliest iemand gewicht door al het bewegen.
Oorzaak van onvrijwillige bewegingen: medicijnen die het tekort aan dopamine aanvullen
Deze onvrijwillige bewegingen komen niet door de ziekte van Parkinson, maar door medicijnen. Meestal door medicijnen waar levodopa in zit. Of door medicijnen waar dopamine in zit. Dit heten: dopamine-agonisten. De hersenen vinden het soms moeilijk om goed met medicijnen om te gaan. De eerste paar jaar van de ziekte heb je meestal geen last van onvrijwillige bewegingen. Dit heeft niet te maken met hoe lang je de medicijnen neemt, maar met hoe de ziekte zich ontwikkelt. > Lees meer over wisselende klachten
Wat kun je doen bij onvrijwillige bewegingen?
Merk je dat je last hebt van onvrijwillige bewegingen? Dan is het goed om hier over te praten met de neuroloog of parkinsonverpleegkundige. Schrijf in een dagboek wanneer je last hebt van onvrijwillige bewegingen. Schrijf ook op wanneer je jouw medicijnen slikt. De neuroloog kan met jouw dagboek zien of de bewegingen door de medicijnen komen. Maak een filmpje van de bewegingen. Of laat iemand anders een filmpje maken. Dit helpt de neuroloog of parkinsonverpleegkundige om te zien of het onvrijwillige bewegingen of trillingen zijn.
Onvrijwillige bewegingen verminderen
Misschien geeft de neuroloog je een ander medicijn. Of krijg je een kleinere hoeveelheid medicijn. Hierdoor heb je minder snel te veel levodopa of dopamine in je bloed. Soms adviseert de neuroloog een geavanceerde behandeling. > Lees meer over geavanceerde behandelingen