Nieuws

Een verstoord netwerk in de hersenen speelt een belangrijke rol bij de ziekte van Parkinson

  • Gepubliceerd op: 5 maart 2026
  • Categorie: Nieuws over onderzoek

 

De ziekte van Parkinson geeft naast bewegingsstoornissen ook problemen met slapen, darmen, motivatie, vermoeidheid en denken. Onderzoekers hebben gekeken naar een netwerk in de hersenen dat beweging, motivatie en denken met elkaar verbindt. Bij mensen met de ziekte van Parkinson blijkt dit netwerk verstoord. Behandelingen zoals medicatie en diepe hersenstimulatie lijken die verstoring deels te herstellen. Diepe hersenstimulatie werkt beter als zij direct gericht wordt op gebieden die deel uitmaken van dit netwerk. De studie helpt om te begrijpen waarom de ziekte van Parkinson veel verschillende klachten kan geven. En kan leiden tot betere behandelingen in de toekomst.   

Door: werkgroep wetenschapsnieuws

De ziekte van Parkinson is een progressieve hersenziekte. Door ophoping van afwijkende vormen van het eiwit alfa-synucleïne en verstoring van verschillende processen in zenuwcellen raken steeds meer hersengebieden aangedaan. Het bekende tekort aan dopamine verklaart vooral de motorische klachten, zoals traagheid en stijfheid. Maar de ziekte beperkt zich niet tot het dopaminesysteem. Sommige klachten, zoals darmproblemen of slaapstoornissen, kunnen zelfs al jaren vóór de eerste bewegingsproblemen optreden. Andere klachten ontstaan wanneer meerdere hersengebieden en netwerken betrokken raken. In het tijdschrift Nature verscheen een grote internationale studie die studie stelt dat de verstoring van een bepaald hersennetwerk (SCAN) een belangrijke rol speelt bij deze brede klachten.   

Een nieuw hersennetwerk: SCAN  

In 2023 werd een netwerk beschreven dat betrokken is bij het plannen en uitvoeren van acties. Dit netwerk kreeg de naam somato-cognitive action network (SCAN). SCAN bestaat uit verschillende gebieden in de hersenschors (cortex) die samenwerken wanneer we doelgerichte handelingen uitvoeren. SCAN is geen losse plek in de hersenen, maar een groep samenwerkende gebieden. Het netwerk brengt meerdere processen samen:  

  • planning en coördinatie van beweging
  • aandacht en motivatie
  • signalen uit het lichaam, zoals energie en hartslag  

Het gaat dus niet alleen om beweging, maar om het omzetten van een doel in een gecoördineerde actie.   

Hoe is het onderzoek uitgevoerd?  

Aan de studie deden 863 mensen mee: mensen met de ziekte van Parkinson, mensen met andere bewegingsstoornissen en gezonde controlepersonen. De onderzoekers gebruikten onder meer functionele MRI om te kijken hoe hersengebieden met elkaar samenwerken. Daarnaast onderzochten zij het effect van verschillende behandelingen:  

  • levodopa
  • diepe hersenstimulatie (DBS)
  • transcraniële magnetische stimulatie (TMS)
  • gefocust ultrageluid (HIFU) 

Zo konden zij nagaan hoe het netwerk bij de ziekte van Parkinson verandert en hoe behandelingen daarop inwerken.  

Wat ontdekten de onderzoekers?  

De onderzoekers zagen dat de verbinding tussen SCAN-gebieden en met dieperliggende hersendelen, zoals de basale ganglia, veel sterker waren bij mensen met de ziekte van Parkinson dan bij gezonde controlepersonen. Dit wordt hyperconnectiviteit genoemd: hersengebieden zijn als het ware te sterk aan elkaar gekoppeld. Hoe sterker deze koppeling, hoe meer motorische én cognitieve klachten mensen hadden. Deze afwijking werd niet gevonden bij andere bewegingsstoornissen zoals essentiële tremor of dystonie. De bevinding suggereert dat bij de ziekte van Parkinson niet alleen afzonderlijke hersengebieden zijn aangedaan, maar dat de samenwerking binnen dit netwerk ook uit balans raakt.  

Wat gebeurde er bij behandelingen?  

  • Effectieve behandelingen verminderden de overmatige koppeling in het netwerk.
  • Levodopa en DBS verlaagden de hyperconnectiviteit en gingen samen met verbetering van klachten.
  • Bij TMS hadden 2 keer zoveel deelnemers baat bij de behandeling wanneer de stimulatie gericht was op een gebied in de cortex dat deel uitmaakt van het SCAN-netwerk, in plaats van op een motorisch gebied voor bijvoorbeeld de hand.
  • Ook bij gefocust ultrageluid waren de resultaten gunstiger wanneer het behandelde gebied dichter bij een SCAN-gebied lag.  

Dit wijst erop dat het beïnvloeden van het bredere netwerk mogelijk beter werkt dan alleen het stimuleren van een afzonderlijk motorisch gebied.  

Wat betekent dit voor mensen met de ziekte van Parkinson?  

Deze studie verandert de dagelijkse behandeling nog niet. Maar zij biedt wel een breder perspectief. De ziekte van Parkinson lijkt niet alleen een stoornis van dopamine of van 1 bewegingsgebied in de hersenen. De ziekte beïnvloedt de samenwerking tussen meerdere hersengebieden die betrokken zijn bij actie, motivatie en denken. Dat kan helpen verklaren waarom parkinson zowel motorische als niet-motorische klachten geeft. Als vervolgonderzoek deze bevindingen bevestigt, kan dat in de toekomst leiden tot gerichtere behandelingen die niet alleen 1 enkel hersengebied, maar een volledig netwerk beïnvloeden.   

Samenvatting: 

  • Bij de ziekte van Parkinson horen verschillende soorten klachten. Bijvoorbeeld met bewegen, slapen en denken.
  • Onderzoekers wilden weten waarom de ziekte van Parkinson zulke verschillende klachten kan geven.
  • Hiervoor onderzochten ze mensen met de ziekte van Parkinson, met een andere bewegingsstoornis en gezonde mensen. Ze maakten scans van hun hersenen.
  • Het onderzoek laat zien dat bepaalde delen van de hersenen sterker met elkaar verbonden zijn bij mensen met de ziekte van Parkinson dan bij gezond mensen. Behandelingen maken deze verbinding minder sterk.
  • Deze sterke verbinding tussen verschillende delen van de hersenen is misschien de reden waarom de ziekte van Parkinson verschillende soorten klachten kan geven. 

Besproken studie  

Ren J, Zhang W, Dahmani L, et al. Parkinson's disease as a somato-cognitive action network disorder. Nature. 2026 Feb 4. Online ahead of print. 

Facebook FacebookWhatsApp Whatsapp